Joep Derksen
Joep Derksen (Foto: Writing4U.nl)

Nero

Nero is dood. Eigenlijk heette Nero: 'Chieltje', het cocker spanieltje. Hij was elf jaar en afgedankt door zijn baas in Spanje. En hij zat in de dodencel, met nog enkele dagen te leven. We hebben Chiel uit de dodencel laten halen en hem een warm welkom gegeven in ons huis. En natuurlijk een andere naam gegeven, die beter bij hem past: Nero.

Nero was een lieve, aanhankelijke hond. Zijn staartje kwispelde voortdurend. Als een van de gezinsleden weg ging, bleef hij bij de deur liggen wachten tot die persoon terug was. Het wandelen buiten was voor hem altijd een genot. Bij iedere plasplekje stond hij even stil, om daar uitgebreid te ruiken en vervolgens zijn donatie er overheen te gieten. Andere honden? Daar moest hij niets van hebben en stiekem vond ik die pit van hem ook wel een beetje leuk.

Maar Nero werd ziek. Ongeneeslijk ziek. Maandenlang hebben we met pillen, spuitjes en andere geneesmiddelen geprobeerd om het onvermijdelijke te voorkomen. Donderdag kwamen we weer bij de dierenarts en ze vertelde dat het moment was gekomen om een moeilijke beslissing te nemen. Nero begreep het niet, maar voorvoelde wel dat er iets ging gebeuren. Hij kroop weg in de armen van onze zoon toen hij het slaapspuitje kreeg. Enkele tientallen seconden bleef Nero nog staan, om vervolgens te gaan liggen en in een steeds diepere slaap terecht te komen.

Hierna kwam het tweede, dodelijke, spuitje. Amper een minuut later hield het hartje van Nero op met kloppen. Zijn oogjes staarden nietsziend in een lege duisternis. Zijn lichaampje werd al heel gauw koud. En dan stap je in de auto, met de hondenriem nog in de hand. Je komt thuis, hangt de riem aan de haak en verwacht, dat Nero je komt begroeten. Maar dat doet hij niet. Nero is dood.

Meer berichten