Ron van der Lem
Ron van der Lem (Foto: Hielco Kuipers)

Bohemian Rhapsody

Ron van der Lem

Laatst zag ik dan eindelijk de film Bohemian Rhapsody; de Oscarwinnende biografie van de popband Queen. En dan met name een kijkje in het leven van hun toenmalige frontman Freddy Mercury.

Ik heb er bijzonder van genoten. Het bracht me weer in de tijd dat Queen met regelmaat grote hits scoorde: de jaren zeventig. En ik werd weer bewust van de ongekende stem van de flamboyante Mercury. Hoewel Mercury's spreekstem binnen het baritonbereik viel, zong hij de meeste liedjes binnen het tenorbereik. Zijn vocale bereik reikte van F2 tot F6: hij kon alles zuiver zingen van bas tot en met sopraan. Hij had een bereik tot 7.04 hertz. Hij kon zelfs belten tot F5!

De apotheose van de fraaie film betrof het Live-Aid concert van de band. Tegenwoordig wordt dat gezien als het beste liveconcert aller tijden. In de film is dat concert (stadion, setlist, bewegingen bandleden) tot in de perfectie nagespeeld. Ontbrekende stemfragmenten zijn minutieus ingezongen door Marc Martel, een Australier wiens stem vrijwel identiek is aan die van Mercury. De film geeft geen exacte weergave van de werkelijkheid, maar het geeft in zijn totaliteit prima de carrière van Queen en het te korte leven van Freddie Mercury (een in India geboren jongen die eigenlijk Farrokh Bulsara heette) weer. Mercury overleed uiteindelijk aan aids na een turbulent liefdesleven.

Destijds ervaarde ik het nu zo geroemde live-aidoptreden van Queen tamelijk misplaatst. Dat zal ik uitleggen. Zowat alle acts verwezen conform het doel van die dag naar de mensonterende hongersnood in Afrika die toen gaande was. Freddy zong echter als uitsmijter dit: 'We are the champions, my friend, no time for losers.' Ach, zijn we ook maar één vingertje wijzer geworden tegenwoordig?

Meer berichten