Corry en Bertus Bollen werden verrast door een bezoekje van de burgemeester die bloemen en een taart meenam.
Corry en Bertus Bollen werden verrast door een bezoekje van de burgemeester die bloemen en een taart meenam. (Foto: Joep Derksen)

Corry en Bertus zijn zeventig jaar samen

In 1949 ondertekenden Nederland en Indonesië de soevereiniteitsoverdracht, heel het land zingt mee met Eddy Christiani's lied 'Kleine Greetje uit de polder' en de Amerikaanse schrijver William Faulkner ontvangt de Nobelprijs voor de Literatuur. Maar voor Corry (91) en Bertus (89) Bollen-Rodewijk was 1949 een belangrijk jaar voor een andere reden: op 12 januari gaven ze namelijk elkaar het ja-woord. Nu, zeventig jaar later, vieren ze al weer hun platina jubileum! En ze werden verrast door een bezoekje van burgemeester Marina van der Velde, die bloemen én een taart meebracht.

ROELOFARENDSVEEN – Corry's wieg stond in Roelofarendsveen en Bertus werd geboren in Amsterdam-Noord. Ze weten nog goed het moment dat ze elkaar voor het eerst zagen. Corry: "Ik werkte in de huishouding in Kudelstaart, maar kreeg weinig geld. Ik reageerde op een advertentie voor werk in Amsterdam. Dat was in een huis boven een bakkerij. Ik bracht beneden een kopje thee; daar was een vijftienjarige jongen die kwam solliciteren en wel thee wilde. 's Avonds zei mijn baas: 'Ik heb die jongen maar aangenomen'. Ik heb een enorme lachbui gehad; 'Die gozer met dat korte broekie'!" Maar de jonge Bertus wist wel van wanten. Op een van zijn eerste werkdagen hielp hij Corry met het dragen van een teil met wasgoed naar de meelzolder. Daar, bovenaan de trap, gaf hij Corry een zoen. Ze lacht: "Toen ik de volgende dag binnenkwam en goedemorgen zei, liet hij het brood vallen van de spanning.''

Enkele jaren later kwam het nieuws dat Bertus in dienst moest en ze besloten te trouwen, omdat dan het gage ook hoger zou zijn. Maar Bertus werd niet uitgezonden. "We gingen niet op huwelijksreis; aan het eind van de trouwdag moest ik weer terug aan het werk in een gezin met dertien kinderen; ik kon meteen aan de slag. Daar zat ik niet mee.''

Door het werk van Corry mocht het jonge stel verblijven in het huis waar ze de huishouding deed. Maar als dat werk ophield, moesten ze ook vertrekken. "In twee jaar tijd hebben we zes keer op straat gestaan. Dan konden we gelukkig bij de moeder van Bertus terecht.'' Uiteindelijk kon het stel in een ark in de Veen gaan wonen. Ze kregen vijf kinderen en zestien achterkleinkinderen. Hun grootste verdriet was het overlijden van een dochter, veertig jaar geleden. "Nog altijd verwacht ik ieder moment dat ze binnenkomt. Ik heb me uiteindelijk door die verschrikkelijke gebeurtenis heen geslagen, door mezelf te vertellen dat ze geëmigreerd is. Maar ze komt natuurlijk nooit meer thuis."


Iedere dag genieten ze van elkaar. Bertus: "Ik was vijftien toen ik werkte en 65 toen ik stopte. Nu zijn we rijk. Niet met geld, maar we hebben alles wat we nodig hebben." Tot slot: wat is jullie advies voor pas getrouwde stellen om lang en gelukkig bij elkaar te blijven? Corry: "Niet te gauw zeggen: ik zie het niet meer zitten." Bertus beaamt: "Elk huisje heeft zijn kruisje.'' En wat zijn de plannen voor de toekomst? "We gaan natuurlijk door voor het 75-jarig huwelijk!''

Meer berichten