Logo alphensnieuwsblad.nl


Kerstrollade

'Om maar in stijl te blijven,' zegt hij, 'ik voel me als een kerstrollade; strak opgerold met een net er om heen. Ik heb het gevoel geen lucht meer te krijgen. Wat een rotjaar heb ik gehad.' De zucht die hem ontsnapt benadert windkracht zes. De ander naast hem op het bankje in het park, knikt.

'In januari werd mijn vrouw ziek', vervolgt hij nadat hij zijn luchtvoorraad weer heeft aangevuld. 'Ik heb haar verzorgd tot het einde. Ze is 75 geworden. We hebben geen kinderen. Dus ik sta er nu helemaal alleen voor.

En nu hebben we die vervloekte kerstdagen en Oud en Nieuw. Vreselijk. Overal zie je opgetuigde kerstbomen en verlichte winkels.' 'Het moet allemaal gezellig zijn. Iedereen kruipt samen en gaat bij elkaar op visssíte.' Het laatste woord klinkt als een slang, die door een kerstboom kronkelt en probeert de naalden te ontwijken. Nou, ik vind er helemaal niks aan. Weer knikt de man naast hem.


'Maar gelukkig zijn er ook lieve mensen. Mijn buurvrouw vroeg de middag voor kerstmis of ik mee naar de kerk wilde. Haar kinderen zouden in een soort kerstspel meespelen. Nu ben ik al jaren niet meer in de kerk geweest maar toch ben ik gegaan. Je moet toch wat met deze dagen.' Weer wordt er naast hem geknikt.
'Ik moet zeggen dat het me erg is meegevallen. Ze hadden voor in de kerk een stal gemaakt. Er stonden schapen en een echte ezel in. Er zaten moeders met baby's op schoot en peuters liepen gewoon rond. Heel anders dan vroeger. En het kinderkoor was zo aandoenlijk. Een van mijn buurmeisjes zong in dat koor.'
Een mondhoek trekt lichtjes op alsof deze een glimlach wil worden, maar niet durft. 'De voorganger vertelde het kerstverhaal. Je weet wel, dat van het kindje Jezus dat in een stal wordt geboren omdat Jozef en Maria nergens welkom waren. Ik weet nog dat ik dacht; 'Ja, zij treffen het ook niet met kerst'.


Maar goed, we hebben wel vreselijk gelachen. Toen de voorganger fluisterde; 'dat er in die stille en heilige nacht een kindje werd geboren dat vrede zou komen brengen', begon Maria, dat was mijn andere buurmeisje, onder haar rokken aan iets te sjorren. Ik begreep dat het 'kind' nu geboren moest worden. Maar dat lukte niet. Ze tilde haar lange rokken helemaal omhoog zodat we een babypop onder een riem zagen zitten. Jozef begon ook mee te trekken en ja, hoor eindelijk werd het kind 'geboren'! We lagen in een deuk! Na afloop was er kerstbrood en chocolademelk.

Maar ja, daarna kom je alleen thuis. Het huis is dan zo leeg. Er is niemand die je verhaal aanhoort. U vindt het misschien raar maar ik heb het toch aan mijn vrouw verteld. Haar foto staat op tafel en ik heb er een klein kerststukje voorgezet. En een kaarsje. Dat heb ik aangestoken en ik heb haar van die bevalling in de kerk verteld. Dat zou ze leuk gevonden hebben. Jemig, wat mis ik haar. De zucht die volgt is iets in kracht afgenomen.


'En nu zit ik hier op dit bankje met u te praten. Oud en Nieuw moet nog komen. Hoort u de rotjes? Ze beginnen elk jaar vroeger. Gisteren op tweede kerstdag zag ik al siervuurwerk afgestoken worden. Het moet niet gekker worden! Ik denk dat ik Oudjaarsavond maar vroeg naar bed ga.'

'Rollade', mijmert hij. 'Wij aten met kerst altijd rollade. Nooit gedacht dat ik me nog eens als een rollade zou vóélen.' Weer leek een mondhoek voorzichtig omhoog te trekken. 'Overal om me heen is licht, maar in mij is het donker. Ik voel me rauw van binnen, rauw van verdriet. Het net sluit me in en ik kan er niet uit. Feestdagen, van mij mogen ze die meteen afgeschaffen.' Iets dat op een snik lijkt ontsnapt uit zijn keel. Weer knikt de man naast hem.


'Ik ben zo blij, dat ik u hier op dit bankje heb getroffen. Eigenlijk wilde ik naar huis gaan om het vuurwerk te ontlopen.'

'Maar dan hadden we dit gesprek niet gehad. Het was fijn om even met u te praten.'
Moeizaam staat de man op en tikt met zijn hand aan zijn pet en sloft terug naar huis. De achterblijver op het bankje glimlacht, en knikt.

reageer als eerste
Meer berichten